afbeelding bij artikel overgewicht in de overgang

Overgewicht in de overgang; inzichten en achtergronden. Herken jij het?

De overgang is een periode waarin je veel te verwerken krijgt en je je onzeker kunt voelen. Over je veranderende lijf en je emoties die met je op de loop kunnen gaan. Op overgewicht als extra complicerende factor in deze periode zit je dan ook niet te wachten. Toch is bijna de helft van alle overgangsters te dik en 1 op de 7 vrouwen heeft zelfs ernstig overgewicht. Met alle gevolgen voor je gezondheid en je zelfvertrouwen van dien.

Bijna alle vrouwen komen wel een paar kilo aan tijdens de overgang, en dan vooral rond hun middel: het beruchte zwembandje. Bij sommige vrouwen stopt het niet met die paar kilo en zij krijgen te maken met obesitas. Wat veroorzaakt nu die extra kilo’s?Voor we naar de mogelijke oorzaken van aankomen kijken, kijken we eerst naar enkele termen. Wat houdt ‘de overgang’ in, wanneer ben je te zwaar en wanneer obees?

De overgang kent een aantal fasen:

1. Premenopauze

De premenopauze is de periode dat je hormonen al beginnen te rommelen. Je kan nog regelmatig ongesteld zijn, maar de eerste overgangssymptomen kunnen zich al aandienen. Dit kan al vanaf halverwege de 30, begin 40.

Veel vrouwen en jammer genoeg ook (huis)artsen herkennen deze premenopauze symptomen niet als overgangsklachten. De vrouwen omdat ze nog helemaal niet bezig zijn met de overgang, de artsen omdat ze op dit gebied heel slecht opgeleid zijn. Vaak krijgen vrouwen dan ook ‘burn-out’ of ‘depressie’ als diagnose met alle bijbehorende medicijnen en behandelingen, terwijl ze in feite overgangsklachten hebben.

Symptomen die niet snel met het begin van de overgang geassocieerd worden zijn:
  • snel geïrriteerd
  • moe
  • down
  • een gevoel van: is dit nu alles?
  • alles zat zijn, van je partner tot je baan en je kinderen
  • het liefst onder een dekentje op de bank willen wegkruipen
  • geen zin meer om voor iedereen te zorgen en jezelf weg te cijferen

2. Perimenopauze

De perimenopauze wordt soms ook als een aparte periode benoemd (peri betekent: rondom). Dit is de periode waarin je menstruaties onregelmatig zijn, maar je nog wel af en toe ongesteld wordt. In deze fase weten veel vrouwen inmiddels dat ze in de overgang zijn.

3. Menopauze

De menopauze is je allerlaatste menstruatie. Dit moment kun je pas achteraf vaststellen. Als je een jaar niet meer gemenstrueerd hebt, kun je zeggen: dat was mijn menopauze.

4. Postmenopauze

De postmenopauze is de hele periode na je laatste menstruatie. Dus eigenlijk de rest van je leven. Maar meestal wordt deze term gebruikt voor de eerste jaren dat je niet meer menstrueert maar nog wel klachten hebt.

De overgang is deze hele periode bij elkaar, van pre- tot en met postmenopauze.

​Hormonen bepalen hoe jij je voelt

Wat gebeurt er eigenlijk tijdens de overgang, en waarom kan dat je zó raken, en op zoveel gebieden, dat je soms jezelf niet eens meer herkent?
Tijdens je vruchtbare periode rijpt er elke maand een eitje in de eierstokken. Als dat bevrucht raakt nestelt het in in de baarmoeder en ben je zwanger. Als het niet bevrucht wordt, raak je dat eitje weer kwijt tijdens de menstruatie. Bij je geboorte is al bepaald hoeveel eitjes je hebt. Als de eitjes opraken vindt er niet meer elke maand een eisprong plaats en word je dus ook niet meer elke maand ongesteld. Je bent in de overgang. Op een gegeven moment zijn alle eitjes op en word je nooit meer ongesteld, je bent in de postmenopauze. 

Het rijpen van eitjes, zwanger worden en ongesteld worden, hoe je je voelt voor en tijdens je menstruatie en tijdens de overgang wordt allemaal bepaald door hormonen.

Oestrogeen en progesteron

Tijdens de overgang verandert er veel op het gebied van hormonen. De belangrijkste twee hormonen zijn oestrogeen en progesteron. Ze nemen gedurende de overgang geleidelijk af, maar niet heel regelmatig. Dat betekent dat de verhouding tussen deze twee hormonen erg kan wisselen. Mede aan deze hormonale disbalans hebben wij vrouwen onze overgangsklachten te danken. Zowel de lichamelijke symptomen als opvliegers, slecht slapen en gewrichtsklachten als de psychische en emotionele symptomen zoals prikkelbaarheid, je gedeprimeerd, boos of onzeker voelen.

Waarom kom je aan tijdens de overgang?

1. Het zwembandje

Veel vrouwen komen een aantal kilo’s aan tijdens de overgang en die kilo’s gaan vaak rond je middel zitten, het beruchte zwembandje. Eigenlijk is dat heel logisch en zelfs goed, ook al zijn we er niet altijd blij mee. Naarmate je eitjes verder opraken produceren je eierstokken minder oestrogeen. Nu is oestrogeen wel heel erg belangrijk voor je lichaam. Het zorgt er onder meer voor dat je hart en vaten gezond blijven, dus het helpt hartaanvallen en hersenbloedingen voorkomen. Het helpt ook je botten gezond te houden. Oestrogeen voorkomt dat je botten bros worden en gemakkelijk breken (osteoporose).

Je lichaam verplaatst de productie en opslag van oestrogeen van je eierstokken naar je bijnieren én naar het vetweefsel in je buik. Dus dat verguisde zwembandje is in feite een slim overlevingsmechanisme van je lichaam.

2. Je lichaam verandert

Wat ook een rol speelt bij het aankomen in gewicht is het feit dat de verhouding tussen vetweefsel en spierweefsel verandert als je ouder wordt. Hoe ouder je wordt, hoe minder spierweefsel je krijgt. Dat wordt vervangen door vetweefsel. En vetweefsel verbruikt minder energie dan spierweefsel. Je hebt dus niet alleen meer vet, maar dat vet verbruikt ook nog eens minder calorieën, waardoor je weer eerder vet opslaat.

3. Minder bewegen

De meeste mensen gaan minder bewegen naarmate ze ouder worden, maar ze gaan niet minder eten. Als je minder beweegt, verbruik je minder calorieën. Als je wel net zoveel calorieën binnenkrijgt als voorheen, worden de niet verbruikte calorieën opgeslagen als vet.

4. Tragere stofwisseling

Het verhaal dat je stofwisseling trager wordt als je ouder wordt klopt meestal niet. Minder calorieën verbruiken dan je binnenkrijgt is vaak toch echt de reden dat je aankomt. Wel is het zo dat in de overgang veel vrouwen - bijna 25% van de vrouwen boven de 45 blijkt uit onderzoek - een tragere schildklier krijgen. Dit kan zorgen voor gewichtstoename door een veranderd metabolisme. Ook andere ziektes en medicijnen kunnen bijdragen aan gewichtstoename.

Wanneer spreek je van overgewicht en wanneer van obesitas?

Om overgewicht en obesitas te bepalen worden 2 methodes gebruikt.

a. De Body Mass Index (BMI) is gebaseerd de verhouding tussen lengte en gewicht. (Op internet vindt je diverse sites waar je je BMI kunt berekenen door je lengte en gewicht in te voeren.)

BMI Schaal

https://www.nhg.org/standaarden/samenvatting/obesitas

b. Je buikomvang. Meet jezelf daarvoor op het smalste deel van je middel. Tussen de bovenkant van je bekken en de onderkant van je ribben. Voor vrouwen is een omvang van tussen de 68 en 80 cm goed. Een omtrek tussen de 80 en 88 cm geeft een verhoogd risico op gezondheidsproblemen en een buikomtrek van meer dan 88 cm duidt zelfs op een ernstig verhoogd risico.

Veel méér aankomen dan de gebruikelijke overgangskilo’s?

De natuurlijke gewichtstoename tijdens de overgang, door de verplaatsing van de productie en opslag van oestrogeen van de eierstokken naar het buikvet, is meestal niet meer dan 2 tot 5 kilo. Feit is dat bijna de helft van alle vrouwen in de overgang – en zelfs nog meer na de overgang – meer dan 2 tot 5 kilo te zwaar is. En dat 14 % van alle vrouwen ernstig tot zeer ernstig overgewicht heeft (obesitas).

Hoe komt het dat sommige vrouwen veel meer aankomen dan die paar kilo? Als je echt te zwaar bent, dan eet je waarschijnlijk regelmatig te veel. Misschien heb je (vr)eetbuien, eet je de verkeerde dingen en je eet om de verkeerde redenen.

Er zijn een heel aantal reden waardoor je kunt overeten. De belangrijkste zetten ze hier op een rij.

De fysiologie van je lichaam

  • De hormonale disbalans zorgt voor stress en onrust. Stress veroorzaakt een naar gevoel in je lijf. Soms wordt dit gevoel verward met honger en probeer je dat gevoel kwijt te raken door te eten.
  • Door jarenlang (te veel) suiker en andere snelle koolhydraten te eten kan je alvleesklier ontregeld raken, waardoor je steeds meer behoefte krijgt aan suikers.
  • Vrouwen die al langer bezig zijn met diëten verliezen soms het vermogen de signalen van hun lichaam goed te herkennen. Vaak wordt het signaal dat je dorst hebt door je hersenen geïnterpreteerd als een hongersignaal.

Minder goed voor jezelf zorgen en vermoeidheid

  • Je kan door de overgang het liefst thuis op de bank of in je bed willen kruipen en daardoor minder actief worden. Je verbruikt zo minder energie, en eenmaal op de bank is het verleidelijk ook nog naar een zak chips te grijpen.
  • De vermoeidheid, het slechte slapen en je niet lekker voelen door overgangsklachten nodigen niet uit om eens lekker naar buiten te gaan en te gaan sporten en daarna een gezonde maaltijd klaar te maken.
  • De overgang is een periode waarin vrouwen vaak té veel taken en zorgen hebben. Niet alleen je kinderen, veel vrouwen hebben nog jonge kinderen of pubers als zij zelf al in de overgang zijn, maar ook je werk, de zorg voor je ouders die afhankelijk van jou beginnen te worden als mantelzorger, je huishouden, vrijwilligerswerk, hobby’s, vriendinnen, clubs, je partner… Ze trekken allemaal aan je. Gezond koken, genoeg bewegen en goed voor jezelf zorgen, schieten er bij in.

Emoties

Eten kan van oudsher geassocieerd zijn met een lekker gevoel, met gezelligheid, troost en positieve emoties. Als je niet lekker in je vel zit kan eten een van de eerste dingen zijn waar je naar grijpt om je weer lekker te voelen. Zo herken je misschien wel de volgende emoties:

  • Je kunt je onzeker voelen over je veranderende lijf, over het feit dat je geen zin meer hebt in seks, over je partner, over je werk. Is dit wat je wilt voor de rest van je leven?
  • Teleurstelling, verdriet, gekwetst zijn, je onbegrepen voelen. Het kunnen allemaal redenen zijn om jezelf te troosten met een lekkere Magnum, zak chips, drop, of een kroket.
  • Door de overgang zijn je zenuwen letterlijk kwetsbaarder. Angst, paniekaanvallen, je heel kwetsbaar voelen zijn allemaal triggers om te gaan eten of snoepen. Het gevoel van een volle maag, de troost van iets zoets of juist hartigs, het zijn allemaal een soort van pleistertjes op de wonde. Al helpen ze uiteindelijk niet om de wond te genezen.
  • Onverwerkte zaken uit je jeugd of vroege volwassenheid kunnen juist nu weer naar boven komen en je onzeker maken. Als je je toch altijd al moe en akelig voelt door opvliegers en andere overgangsklachten is de neiging om deze dingen weg te eten groter dan de neiging om ze nu eens actief aan te gaan pakken.
  • Je hebt er na jaren van opletten en jezelf dingen ontzeggen gewoon geen zin meer in: in altijd maar diëten. En op een bepaald moment is de rem daarbij verloren gegaan.
    Je eet nu té vaak, té veel en de verkeerde dingen.

Zo kunnen er nog veel meer redenen zijn waarom je in de loop der jaren bent aangekomen. Maar wat kun je eraan doen?

Is streng diëten een oplossing?
Daar kan ik volmondig NEE op antwoorden.
Waarom niet, strenge diëten helpen toch?
Als je een crashdieet volgt val je inderdaad snel af. Maar zodra je stopt met dat dieet of maar een beetje ‘zondigt’ kom je ook weer snel aan en meestal meer dan je afgevallen bent.

​Ten eerste verlies je vaak in het begin veel vocht met crashdiëten. Zodra je dat kwijt bent val je ook haast niet meer af.

Ten tweede – en dat is veel belangrijker – als je een streng dieet volgt gaat je lijf in de overlevingsmodus. Heel eenvoudig uitgelegd: alle cellen in je lijf ‘weten’ dat er heel weinig binnenkomt, leren daarmee omgaan en kunnen erop functioneren. Maar zodra er maar even wat meer binnenkomt ‘denken’ die cellen: Let op! Er komt meer binnen dan er nodig is om te overleven, dat extra slaan we op zodat we een buffer hebben voor als zij weer als een idioot gaat lijnen. Dus je hoeft maar even af te wijken van je dieet (of je bent op je streefgewicht en gaat weer normaler eten) en alles wat er meer binnenkomt dan tijdens dat strenge dieet wordt meteen omgezet in vetreserve voor schrale tijden.

Het jojo-en is geboren en uiteindelijk ben je na elk dieet net iets zwaarder dan toen je begon. Van streng diëten kom je uiteindelijk aan!

Wat kun je zelf doen om te voorkomen dat je gaat jojo-en?

De vraag stellen is gemakkelijker dan hem beantwoorden. Bij vrouwen die (veel) te zwaar zijn spelen er vaak meerdere factoren mee, niet alleen een verkeerd voedingspatroon (de verkeerde dingen en te veel eten) maar ook een verkeerd eetpatroon (dingen eten om de verkeerde redenen, om jezelf te troosten of te belonen of om nare dingen te verstoppen).

Bovendien is er nog steeds een taboe op de overgang waardoor er nog onvoldoende bekend is over alle aspecten van de overgang. En ook overgewicht is een onderwerp dat nog lang niet uit de taboe sfeer is. De combinatie overgang + overgewicht is al helemaal geen hot topic in de medische wereld. En dat is een enorme nalatigheid. Want wat we wél weten is dat overgewicht de risico’s op hart- en vaatziekten enorm doet toenemen. Dat hart- en vaatziekten doodsoorzaak nummer 1 vormen voor vrouwen in de overgang en daarna.

Dat hart- en vaatziekten slecht herkend worden bij vrouwen omdat het grootste deel van het onderzoek uitgevoerd is onder mannen en mannen andere symptomen hebben bij een hartaanval dan vrouwen.

Er ligt nog een heel groot onderzoeksterrein braak! Niet alleen naar overgang en overgewicht op zich, maar ook naar de psychologische en emotionele aspecten van de overgang die een belangrijke rol spelen bij overgewicht, zelfbeeld, zelfvertrouwen en goed in je vel zitten.

Ter afsluiting 3 tips voor jou om zelf de eerste stappen te zetten naar een gezond en goed voedingspatroon en een gezond gewicht.

Tip 1 Stop met strenge diëten

Je lijf moet afleren dat het moet hamsteren. Stoppen met jojo-en. Daarvoor zul je moeten stoppen met crashdiëten, diëten met rare ongezonde shakes en dieetpillen en geleidelijk moeten overschakelen naar een gezond voedingspatroon.

​Tip 2 Herken de signalen van je lichaam, dorst is geen honger

Vrouwen die al langer bezig zijn met diëten verliezen het vermogen om de signalen van hun lichaam goed te herkennen. Vaak wordt het signaal dat je dorst hebt door je hersenen geïnterpreteerd als een hongersignaal. Heb je honger drink dan eerst een glas water en check na een kwartiertje nog eens of je nog steeds echt honger hebt.

​Tip 3 Eet bewust

Hoe vaak eten we niet even tussendoor aan ons bureau, checken we even Facebook of eten we tijdens een favoriete tv-serie ongemerkt een hele zak chips leeg? Daardoor negeer je de signalen die je lichaam afgeeft dat je genoeg gegeten hebt. Uiteindelijk verdwijnen die signalen helemaal en ga je over-eten: ga je door met eten ook al heb je al lang een portie van normale grootte op. Probeer bij elk eetmoment enkele momenten in te bouwen dat je niets anders doet dan eten en letten op de signalen van je lichaam. Probeer bewust te kauwen, te proeven en het verschil te voelen tussen de eerste en de laatste hap. Probeer dit soort momenten uit te breiden, zodat eten weer een bewuste ervaring wordt.

About the Author Florence Gaillard

Florence Gaillard is overgangscoach. Florence Gaillard woont en werkt afwisselend in Zuid-Frankrijk en Nederland als overgangscoach. “Er moet veel meer onderzoek gedaan worden naar alle factoren die overgangsklachten en gewichtsproblemen en de combinatie van die twee beïnvloeden om die bijna een miljoen vrouwen in Nederland te helpen de juiste keuzes voor zichzelf te maken en gezond en gelukkig de tweede helft van hun leven in te gaan.” Kijk voor meer informatie op florencegaillard.nl