Klein leed

Mirjam van Gelderen
Door Mirjam van Gelderen / 14 december 2017
klein leed

Leed hoeft niet altijd groots te zijn. 't Kan ook heel klein. Op een druilerige ochtend wilde ik net in de grote witte bestelbus stappen waarin ik  voor mijn werk zojuist drie lege fruitkisten had teruggezet. Terwijl ik het portier opende zag ik over de stoep een vrouw aankomen. Niet heel bijzonder, het stikt daar altijd van de mensen. Maar met deze vrouw was iets. Op het eerste gezicht wist ik niet wat het was, maar dat er iets was wist ik wel. En daarom bleef ik al instappend kijken. Toen wist ik het. Ze liep in een spagaat!  

Kan dat? Ja hoor, met haar armen. Als een soort strandkrab schoof ze langzaam en in tamelijk zijwaartse positie over de stoep. Voor haar uit liep een roodbruine ​chihuahua. Gehuld in een mooi rood ruitjasje en trekkend aan de uiterste lengte van zijn groene uitschuiflijn. Voor zover een ​chihuahua überhaupt kan trekken dan. De lijn was duidelijk veel te kort voor het hondje en dus hield de vrouw haar rechterarm op schouderhoogte recht voor zich uitgestrekt. En aan het uiteinde van haar andere, tevens geheel uitgestrekte arm met blauwe lijn, liep een….Tja. Wat dat nou was? Het hield ergens het midden tussen een soort cavia op pootjes en een veel te klein uitgevallen hond met veel te grote oren. De pootjes van het zwarte beestje waren veel te kort om hard te kunnen lopen. En dus bewoog de vrouw zich geduldig en langzaam voort in die krabachtige armspagaat.  

Dappere dodo 

Ze wilde voor mijn nog altijd stilstaande bus langs de straat oversteken met haar roedel. Nu ben ik de beroerdste niet en ik wachtte rustig af. Veel te benieuwd hoe dit schouwspel zich verder zou ontwikkelen. Want aan de overkant van de straat zat niet zo'n mooie schuine stoeprand als aan onze kant. Daar torende een serieuze oer Hollandse stoeprand huizenhoog boven de straatklinkers uit…En daar moest de cavia op. Een andere mogelijkheid was er niet. De vrouw raapte haar beestenboel voor het daadwerkelijke oversteken bij elkaar en daar gingen ze. Het zwarte hondje stapte dapper voort naast zijn bruine tegenhanger. Hij trippelde driftig en vrolijk om zich heen kijkend voort. Voor zover hij nog om zich heen kon kijken dan, gehuld in zijn stevige en stoere donkerblauwe jas. Bijna in zijn maat ook nog…. 

En door! 

Ik glimlachte even naar de vrouw en keek vol spanning naar de stoep aan de overkant. De roodbruine ​chihuahua was er als eerste en hupte zonder al te veel moeite de stoep op. De vrouw bleef staan, terwijl achter haar aan het vrolijk trippelend zwarte exemplaar volgde. Gut, wat moet de wereld om je heen angstaanjagend zijn als je zelf nog kleiner bent dan de gemiddelde stoeprand hoog is! Ik voelde me bijna schuldig in mijn enorme, gigantische grote witte bus. Maar, het beestje leek het allemaal niet te deren. Kranig stapte hij voor zijn doen vlot op de stoeprand toe. Hij twijfelde niet eens! En dan zit er ook nog zo'n iets dieper gemaakt watergootje voor de stoeprand hè? 

Het deerde hem niets. Hij zette aan, zette af en sprong! Soepel als een hinde kwam hij omhoog. Met jas of zonder jas, hij was een ware atleet. Hij redde het net. Niet eigenlijk. En ook niet zo flatteus als hij gehoopt had denk ik. Hij kwakte met zijn kleine lijfje plat op de stoep en bleef een fractie van een seconde stil liggen. Toen wist hij weer hoe het ook alweer werkte met die vier zwarte pootjes en krabbelde er vlug bovenop. Even olijk om je heen kijken, gewoon de jas nog weer een beetje goed schudden en door! Met het overwinnen van die hele grote boze buitenwereld! Niks aan de hand. De vrouw nam haar krabachtige spagaat weer aan en ik startte mijn bus. Nog glimlachend over hele kleine leed dat zich had afgespeeld op die hele grote stoep. 

De auteur

Mirjam van Gelderen

Mijn naam is Mirjam van Gelderen. Veertig jaar jong en daarvan woon ik er al ruim dertig onderaan een dijk gelegen in het groene landschap van het Nederlandse rivierengebied. Gevormd door weer en wind op diezelfde dijk heb ik na mijn middelbare school een hogeschool opleiding in Breda afgerond en ben vervolgens terecht gekomen tussen de wegenbouwers. Een jongedame in een stoere mannenwereld bij uitstek. Best leerzaam. Het bewijs van het feit dat er zeer zeker ook heel erg leuke mannen bijliepen zie ik nog elke dag naast me onderaan de dijk. Alweer jaren getrouwd met die leuke man en inmiddels in bezit van een mooi bijna jaren dertig huisje, met eromheen diverse boompjes en beestjes. Het werkend leven in de wegenbouw heb ik inmiddels al jaren achter me gelaten en na een omzwerving bij onder andere een manden- en meubelgroothandel houd ik me nu bezig met werk voor een fruithandel en sinds kort allerlei schrijfwerk. Dat combineer ik met het onderhoud en de verzorging van onze pareltjes onderaan de dijk en hoop ik in de loop der tijd verder uit te breiden met het creëren van nog veel meer hersenspinsels die horen bij het schrijverschap.